Commissie geeft CBS opdracht voor vragenlijstonderzoek interlandelijk geadopteerden

(Door Henri Kruithof)

De Commissie Onderzoek Interlandelijke Adoptie in het Verleden heeft het Centraal Bureau voor de Statistiek opdracht gegeven een groot aantal interlandelijk geadopteerden te vragen naar hun persoonlijke situatie.

Waarom eigenlijk?

Tjibbe Joustra geeft daarop antwoord: “De Commissie vindt het belangrijk om te weten hoe het gaat met  geadopteerden die uit andere landen naar Nederland zijn gekomen. Wat is hun levensstijl en wat zijn hun opvattingen? We willen bijvoorbeeld weten hoe ze aankijken tegen hun eigen adoptie. Hoe is of was hun relatie met hun opvoeder? Hoe zijn hun sociale contacten, hoe is het met hun gezondheid? Maar ook: zoeken ze naar hun roots? Of voelen ze zich gediscrimineerd? Dat soort belangrijke, persoonlijke vragen.”

 

Wie worden er allemaal benaderd?

Joustra: “De doelgroep voor de vragenlijst  bestaat uit alle in Nederland wonende geadopteerden die in de laatste drie decennia van de vorige eeuw zijn geboren. Van al die geadopteerden ontvangt ongeveer de helft een brief met een code om de vragenlijst online in te kunnen vullen. Daarnaast zal het CBS ook een controlegroep van niet-geadopteerden benaderen om op die manier een vergelijking te kunnen maken.”

 

En wanneer komt de brief?

Joustra: “De brief zal vanaf medio april in de brievenbus liggen. Wat ik nog wel wil benadrukken is dat ons doel is om met dit onderzoek iets te kunnen zeggen over de interlandelijk geadopteerden als groep. Ons onderzoek gaat niet over individuele personen. Het onderzoek is dan ook strikt vertrouwelijk. En ik weet zeker dat de bescherming van privacy bij het CBS in goede handen is.”

 

Is dit eigenlijk wel een goed moment om zo’n onderzoek te starten?

Joustra: “Je moet je voorstellen dat zo’n groot onderzoek om een goede voorbereiding  vraagt. De geënquêteerden moeten de tijd krijgen om de vragenlijst in te vullen. En ook de verwerking van de resultaten kost tijd. We waren van plan om medio april de brieven de deur uit te doen. Door alle consternatie rondom het Corona-virus hebben we natuurlijk wel even geaarzeld of we  daaraan moesten vasthouden. Misschien staat het hoofd van veel mensen er niet naar. En bovendien: ook onder geadopteerden zullen veel mensen werkzaam zijn in de zorg, het onderwijs etcetera. Die hebben wel wat anders te doen. Maar anderzijds: wij willen natuurlijk ook niet het onderzoek onnodig laten vertragen. Ook al omdat nu nog ongewis is hoe de situatie er over een aantal maanden uitziet. Daarom hebben we hierover overlegd met de deskundigen van het CBS. Zij adviseerden ons gewoon door te gaan met het onderzoek.”

 

Maar kan dat de resultaten niet beïnvloeden?

Joustra: ” Dat hebben we natuurlijk ook besproken met het CBS. De meeste vragen zijn feitelijke vragen waarbij de huidige situatie niet van invloed is. Bij een aantal, met name gevoelsmatige, vragen zal de huidige situatie misschien wel van invloed zijn. Daarom vragen we de mensen om bij het beantwoorden van deze vragen terug te denken aan hoe ze zich voelden vóór de maatregelen. Gelukkig benadert het CBS ook een controlegroep van niet-geadopteerden en is het CBS daardoor goed in staat om met behulp van statistiek de Corona-invloed er uit te filteren.”

 

Wat betekenen de maatregelen voor het werk van de Commissie?

“Het werk van de commissie zelf gaat gelukkig zo goed mogelijk door. Wel met wat aanpassingen natuurlijk. Zo vergaderde de commissie de afgelopen weken niet meer fysiek, maar online. En uiteraard kan de commissie nu geen betrokkenen meer ontvangen voor gesprekken”, aldus Joustra. “Alle onderzoekers werken nu  vanuit huis. Zij hebben gelukkig nog voldoende archiefmateriaal beschikbaar om te onderzoeken.” “Wat wel een rol kan gaan spelen over een paar weken is of de papieren archieven, zoals van het Nationaal Archief en verschillende departementen weer open gaan. Die zijn nu gesloten voor bezoek. En ook reizen naar andere landen zijn nu niet mogelijk. Niemand weet hoe lang dat gaat duren. Dus het oorspronkelijke doel om in oktober te rapporteren kunnen we helaas niet meer halen, vrees ik. Dat is jammer, maar nood breekt wet”.

 

Hoe zit dat trouwens met het onderzoek in het buitenland?

Joustra: “In 2019 zijn onze onderzoekers in Sri Lanka geweest. En vóór het uitbreken van de Corona-crisis zijn ze  nog naar Colombia geweest. Colombia was in de jaren ’80 en ’90 een belangrijk adoptieland voor Nederland. De onderzoekers zijn positief over de medewerking in Colombia. Ook met de Colombiaanse Raad voor de Kinderbescherming kon worden gesproken. We denken dat het onderzoek ter plaatse in Colombia voldoende materiaal heeft opgeleverd om een goed beeld te geven van de context van de interlandelijke adoptiepraktijk in het verleden aldaar.”

Deel dit artikel: